FAQ

> Hoe is de naam van Brand door de jaren heen geweest?
1871 F.E. Brand
1883 Weduwe F.E. Brand
1901 Firma F. Brand
1922 Brand's Bierbrouwerij "de Kroon" N.V.
1971 Koninklijke Brand's Bierbrouwerij N.V.
1973 Koninklijke Brand's Bierbrouwerij B.V.
1987 Koninklijke Brand Bierbrouwerij B.V.
1991 Brand Bierbrouwerij B.V.

> Hoeveel is een bepaald artikel waard?
Het enige zinnige antwoord dat gegeven kan worden is het volgende: het is waard wat de gek ervoor geeft! Via de online en offline markplaatsen en ruilbeurzen kun je wellicht een indicatie van de waarde krijgen.

> Ik ben op zoek naar een bepaald artikel. Kan ik dat via de BVC verkrijgen?
Wellicht een van de meest gestelde vragen. Via de BVC is helaas niets te krijgen. Je kunt uiteraard terecht op shop.brand.nl. Je kunt daar diverse artikelen online bestellen. Verder kun je je geluk beproeven op de diverse online marktplaatsen en 'offline' ruilbeurzen, zoals de eigen ruilbeurzen van de BVC.

> Is (of was) Brand Hofleverancier?
Uit het boek "Honderd jaar Brand bier" : Brand beschouwde het als een grote waardering, toen de brouwerij in 1961 de eer te beurt viel het Up'52 te mogen leveren aan het Koninklijk Hof. Op 10 januari 1961 werd haar vergunning verleend tot het voeren van het wapen van Zijne Koninklijke Hoogheid de Prins der Nederlanden, met de titel van Hofleverancier. Na de overname door Heineken in 1989 verliest Brand haar titel van Hofleverancier in 1992, omdat Heineken reeds Hofleverancier is.

> Waar komt 'het bier waar Limburg trots op is' vandaan?
Decennia lang heeft Brand zich gemanifesteerd met "het bier waar Limburg trots op is", een kloeke slagzin die in 1950 door de toenmalige bier-promotor Henny Janssen werd bedacht naar het voorbeeld van Amerikaanse merk Schlitz: the beer that made Milwaukee famous. Sindsdien is, in alle mogelijke toonaarden en door diverse reclamebureaus, op het thema van die Limburgse herkomst gevarieerd - het laatst via de romantische sepia- beelden van een kudde koeien en een stoomtrein vol bier die op weg was naar het dorstende westen des lands. Geheel in stijl was daarbij ook de commentaarstem van bronsgroen eikenhout, van de in Tegelen geboren acteur André van den Heuvel. In 1996 werd 'Het leven is vurrukkuluk' het nieuwe thema van Brand.

> Wanneer gebruikte Brand de witte flesjes in Amerika?
Volgens het boek ' 125 jaar Brand' (1996) : In juli 1981 wordt gestart met de verkoop (van Brand Bier in Amerika). Atlanta funfeert als uitvalsbasis voor Brand in Amerika. De brouwerij richt zich vooral op de horecasector. De witte Brand-fles valt onmiddellijk op in het groene en bruine front van de diverse importmerken. In 1982 zet Brand al zo'n 15.000 hectoliter af. Maar de succesvolle introductie weet Brand in de jaren tachtig niet uit te bouwen. De concurrentie op de importmarkt is moordend. Het rendement op de exportoperatie krijgt bovendien een knak door de vallende dollarkoers, terwijl de kosten - vooral door de exclusieve witte fles - hoog zijn. Het maken van de 'White Bottle' levert bovendien aanzienlijke problemen op. In 1990 wordt zij daarom vervangen door een goedkopere, maar minder opvallende groen flessen. De verkopen blijven echter tegenvallen en in 1992 trekt Brand zich terug van de Amerikaanse markt.Volgens het boek zijn de etiketten en witte pullen uit 1981.

> Wanneer werd Brand's Brand?
Uit het boek "125 Jaar Brand" : In 1966 wordt 'Brand's Bier' vervangen door 'Brand Bier'. De merknaam komt zo meer tot zijn recht - een absolute voorwaarde in het gevecht om de bierdrinker.

> Welke boeken zijn er over Brand verschenen?
In 1971 verscheen het boek 'Honderd jaar Brand : De historie van een Limburgse brouwerij 1871-1971'. Bij het 125-jarig bestaan in 1996 verscheen '125 Jaar Brand : Traditie en vernieuwing'.

> Wie heeft 'het leven is vurrukkuluk' bedacht?
'Schommel' is de eerste Brand-reclame waarin de typisch Limburgse stijl vervangen is door een modernere variant op een wolkenkrabber in New York. De term 'Het leven is vurrukkulluk' werd in deze TV-commercial geïntroduceerd. Het is de titel van een boek van de Nederlandse schrijver Remco Campert uit 1961. In de jaren zestig heeft het reclamebureau Prad het citaat trouwens al eens gebruikt als kopregel voor een op de jongerenmarkt gerichte melk-advertentie van het Nederlands Zuivelbureau.